Categorie: Nieuws

Ionica Smeets in bestuur Leids Mediafonds

Het Leids Mediafonds wil de kwaliteitsjournalistiek helpen bevorderen om zo inwoners, instellingen en bedrijven in de Leidse regio beter te informeren over wat er speelt in de stad Leiden en directe omgeving.

Van oudsher spelen de media als waakhond van de democratie een belangrijke rol bij deze informatievoorziening. De gemeente Leiden heeft geconstateerd dat de kwaliteit en kwantiteit van het (traditionele) lokale media-aanbod in de Leidse regio de afgelopen jaren is afgenomen: redacties van lokale media staan onder druk van bezuinigingen en kunnen daardoor te weinig tijd besteden aan onderzoeksjournalistiek en verdieping. De pers is daardoor minder goed in staat helder en kritisch te informeren over college- en raadsbesluiten, over het gemeentelijke beleid en uitvoering van projecten, maar ook over andere relevante ontwikkelingen die zich in de samenleving voordoen. De gemeente Leiden heeft daarom -na zorgvuldig onderzoek- besloten ter versterking van de onderzoeksjournalistiek een Leids Mediafonds op te richten.

Het bestuur van het Leids Mediafonds bestaat uit vijf onafhankelijke leden die op grond van hun ervaring in de journalistiek en communicatie zijn benoemd. Van links naar rechts: Milja de Zwart, René Roodheuvel, Bob Nieman (voorzitter), Ionica Smeets (secretaris), Rick van Dijk (penningmeester).

Ga naar de site van het Leids mediafonds

Mensa Award

mensafondsIonica heeft de Mensa-award gewonnen in de categorie Maatschappij.

Het Mensa Fonds zet zich in om hoogbegaafden te stimuleren door hen te helpen hun talenten te benutten en te laten zien wat hoogbegaafden voor de samenleving kunnen betekenen. Dit doet het fonds onder andere door jaarlijks awards uit te reiken in de catagoriën Onderwijs, Werk en Maatschappij.

Volgens het Mensa Fonds maakte Ionica vooral indruk op de jury door ‘de manier waarop Ionica het haar missie heeft gemaakt om ‘slim zijn’ “cool” te maken.’

Lees meer over het Mensa Fonds >

Eureka!


PersfotoEureka
Foto: Stijn Ghijsen

Dit najaar presenteren Sofie van den Enk en ik het nieuwe programma KRO-programma Eureka. Samen gaan we op zoek naar wiskundige antwoorden op lastige vragen. In de eerste aflevering (donderdag 10 oktober, 21.00 uur, Nederland 3) gaat het over de vraag: Hoe winnen we het WK?

Zou er een wiskundige formule zijn waarmee we volgend jaar in Brazilië het WK-voetbal kunnen winnen? Een simpele rekensom die ons de wereldbeker bezorgt? Ik neem Sofie mee naar een schiettent op de Kermis, het Olympisch Stadion en een reusachtige containerterminal en laat haar zien hoe je de 11 beste spelers op kunt stellen, hoe een wiskundige een penalty neemt en welk shirt je aan moet trekken als je de finale haalt. En dat alles om te komen tot de formule van Eureka.

Op 17, 24 en 31 oktober gaat Eureka over de ideale partner, honderd worden en een miljoen winnen. Superleuk!

Tien jaar journalist!

Champagne! Precies tien jaar geleden verscheen mijn eerste betaalde artikel in universiteitskrant Delta. Als ZZP-er geef ik vandaag dus een klein jubileumfeestje voor mezelf. En om dat een beetje met jullie te delen, hieronder dat eerste echte stukje zoals ik het inleverde, het commentaar van de redactie én het artikel zoals het uiteindelijk in de krant kwam. Grappig genoeg ging het natuurlijk ook toen al over wiskunde. En je kunt goed zien dat ik nog veel moest leren. Ik ben de redacteuren die de moeite namen om me daarbij te begeleiden nog steeds erg dankbaar. Op naar de volgende tien jaar!

[stextbox id=”info” color=”000000″ ccolor=”ffffff” bgcolor=”FAF1D6″ cbgcolor=”181610″ bcolor=”181610″ caption=”Het artikel dat ik inleverde”]
Groot wiskundig probleem opgelost?

In 2000 loofde het Clay Mathematics Institute zeven miljoen dollar uit voor de oplossing van zeven belangrijke onopgeloste wiskundige problemen. Een van deze problemen, het Poincaré vermoeden, lijkt nu te zijn bewezen. De Russisch wiskundige Grigori Perelman maakte zijn bewijs in april bekend. Er waren al eerder wiskundigen die dachten dat zij het raadsel opgelost hadden. Maar hun bewijzen bleken bij bestudering steeds vergissingen te bevatten. In het bewijs van Perelman zijn tot nu toe geen fouten ontdekt.

Wat zegt het Poincaré vermoeden eigenlijk? Dit vermoeden valt onder de topologie. Stel dat we een rubberen band op het oppervlak van een bal leggen. Dan kunnen we deze band samentrekken tot een punt. Zonder dat de band scheurt, of los komt van het oppervlak. En stel nu dat we op de een of andere manier zo’n rubberen band om een donut, door het gat, hebben gekregen. Dan is deze band niet samen te trekken tot een punt, zonder de band of de donut kapot te maken. We zeggen dat het oppervlak van een bal “enkelvoudig samenhangend” is, het oppervlak van een donut is dat niet.

Topologen noemen een bol en een donut tweedimensionale variëteiten, omdat hun oppervlaktes van heel dichtbij gezien tweedimensionaal, dus platte vlakken, lijken. Poincaré bewees honderd jaar geleden, dat een tweedimensionale bol gekarakteriseerd wordt door het enkelvoudig samenhangend zijn van zijn oppervlak. Dat betekent, dat als een ander voorwerp ook zo’n oppervlak heeft, dat het dan topologisch gezien hetzelfde is als een bol. Poincaré vroeg zich af, of dit ook voor hogere dimensies zou gelden. In de loop der jaren werd voor bijna alle dimensies bewezen dat dat waar was. Alleen het bewijs voor de derde dimensie liet langer op zich wachten.

Volgens prof. Aarts, de wiskunde hoogleraar die volgende week afscheid neemt van de TU, heeft dit bewijs geen gevolgen voor Delft. “Bij dit soort dingen kan je geen practische toepassingen verwachten. Hooguit zijn er een paar mensen hier die het bewijs echt begrijpen.” Geen verschuiving in de opleiding wiskunde dus. Maar misschien komt een wiskunde student nu op het idee om eens te kijken naar die andere zes problemen waar nog een miljoen voor uitgeloofd is.
[/stextbox]

Vervolgens kreeg ik dit commentaar van de redactie (helaas weet ik niet meer van wie).

  • Een kop is nooit een vraag, hij moet – over het algemeen – juist nieuws bevatten.
  • Je lead is erg lang voor een nieuwsbericht, bovendien staat het Delftse nieuws er niet in.
  • Zo kort en bondig mogelijk schrijven. Dus niet eerst vragen wat het Poincare-vermoeden eigenlijk inhoudt; gewoon meteen melden wat het is. (Bij de uitleg die volgt heb ik eea in de lijdende vorm geschreven. Lijdende vormen moet je eigenlijk vermijden, maar ik heb een hekel aan de we-vorm)
  • Je schrijft helder en je alinea-indeling en opbouw zijn goed.
  • Je laatste alinea is een beetje een dooddoener. Een nieuwsbericht hoeft geen pakkend einde te hebben, het meldt alleen het hoogst noodzakelijke. Kan er dus zo af.

[stextbox id=”info” color=”000000″ ccolor=”ffffff” bgcolor=”FAF1D6″ cbgcolor=”181610″ bcolor=”181610″” caption=”Het artikel zoals het in de krant kwam”]
Groot wiskundig probleem eindelijk opgelost

In 2000 loofde het Amerikaanse Clay Mathematics Institute zeven miljoen dollar uit voor de oplossing van zeven belangrijke onopgeloste wiskundige problemen. Een van deze problemen, het ‘Poincaré-vermoeden’, lijkt nu te zijn bewezen. Het Delftse onderwijs raakt er niet ondersteboven van.

De Russisch wiskundige Grigori Perelman maakte zijn bewijs in april bekend. Er waren al eerder wiskundigen die dachten dat zij het raadsel opgelost hadden. Maar hun bewijzen bleken bij bestudering steeds vergissingen te bevatten. In het bewijs van Perelman zijn tot nu toe geen fouten ontdekt.

Het Poincaré-vermoeden valt onder de topologie. Stel dat we een rubberen band op het oppervlak van een bal leggen. Dan kan deze band worden samengetrokken tot een punt, zonder dat de band scheurt, of loskomt van het oppervlak. Wanneer diezelfde band door het gat van een donut, óm de donut is gekregen, dan is deze band niet samen te trekken tot een punt zonder de band of de donut kapot te maken. Samengevat: het oppervlak van een bal is ‘enkelvoudig samenhangend’, het oppervlak van een donut is dat niet.

Topologen noemen een bol en een donut ‘tweedimensionale variëteiten’, omdat hun oppervlaktes van heel dichtbij gezien tweedimensionaal, dus platte vlakken, lijken. Poincaré bewees honderd jaar geleden dat een tweedimensionale bol gekarakteriseerd wordt door het enkelvoudig samenhangend zijn van zijn oppervlak. Dat betekent dat als een ander voorwerp ook zo’n oppervlak heeft, het topologisch gezien hetzelfde is als een bol. Poincaré vroeg zich af of dit ook voor hogere dimensies zou gelden. In de loop der jaren werd voor bijna alle dimensies bewezen dat dat waar was. Alleen het bewijs voor de derde dimensie liet langer op zich wachten.

Volgens wiskundeprof. Aarts, die volgende week afscheid neemt van de TU, heeft dit bewijs geen gevolgen voor Delft. “Bij dit soort dingen kun je geen praktische toepassingen verwachten. Hooguit zijn er een paar mensen hier die het bewijs echt begrijpen.” (IS)
[/stextbox]

Elegante algoritmes bij Pauw & Witteman



Ik mocht bij Pauw en Witteman de drie finalisten van Elegante algoritmes bekend maken. Wie programmeerde de mooiste en slimste Victory Boogie Woogie in de geest van Mondriaan? Dat zijn in willekeurige volgorde:


Kiri Nichol



Loe Feijs

08_feijs
(Klik voor een grotere versie op het plaatje)

en


Edwin Jakobs

17_jakobs
(Klik voor een grotere versie op het plaatje)

Zondag 21 april maken we de winnaar en de publieksprijs bekend in het Gemeentemuseum, publiek is welkom, programma vind je hier (pdf).

ps Een verslag van de finale staat inmiddels bij SETUP.

Fabulous mama!


Mijn zoon komt ook vaak mee naar lezingen. Nuja, zijn foto dan.
Mijn zoon komt ook vaak mee naar lezingen. Nuja, zijn foto dan.

De lezers van Mama Magazine kozen mij als een van de inspirerende moeders op de lijst FAB40. Supercool! De complete lijst en een foto van mij met mijn zoontje vind je in het januari-nummer van Mama Magazine.